Commentaar bijbellezing 6/4: ‘Nieuws in het zand’ - Valérie Kabergs
Evangelie: Johannes 8, 1-11 – ‘Laat degene die zonder zonden is, het eerst een steen op haar werpen’
In die tijd begaf Jezus zich naar de Olijfberg. ‘s Morgens vroeg verscheen Hij weer in de tempel en al het volk kwam naar Hem toe. Hij ging zitten en onderrichtte hen. Toen brachten schriftgeleerden en Farizeeën Hem een vrouw die op overspel was betrapt. Zij plaatsten haar in het midden en zeiden tot Hem: ‘Meester, deze vrouw is op heterdaad betrapt terwijl ze overspel bedreef. Nu heeft Mozes ons in de Wet bevolen zulke vrouwen te stenigen. Maar Gij, wat zegt Gij ervan?’ Dit bedoelden ze als een strikvraag in de hoop Hem ergens van te kunnen beschuldigen. Jezus echter boog zich voorover en schreef met zijn vinger op de grond. Toen zij bij Hem aanhielden met vragen, richtte Hij zich op en zei tot hen: ‘Laat degene onder u die zonder zonden is, het eerst een steen op haar werpen.’ Weer boog Hij zich voorover en schreef op de grond. Toen zij dit hoorden, dropen zij een voor een af, de oudsten het eerst, totdat Jezus alleen achterbleef met de vrouw die daar was blijven staan. Nu richtte Jezus zich op en sprak tot haar: ‘Vrouw, waar zijn ze gebleven? Heeft niemand u veroordeeld?’ Zij antwoordde: ‘Niemand, Heer.’ Toen zei Jezus tot haar: ‘Ook Ik veroordeel u niet; ga heen en zondig van nu af niet meer.’
Commentaar Valérie Kabergs: ‘Nieuws in het zand’
Men zegt wel eens dat de evangelist Lucas een parabel schreef over de verloren zoon en Johannes een over de verloren dochter. Met dat laatste verwijst men naar het verhaal uit het Evangelie van vandaag, waarin we meekijken naar het lot van een vrouw die op overspel werd betrapt. Net zoals in de parabel van de verloren zoon is het ook hier maar de vraag wie er precies verloren is. De vrouw lijkt zich op het eerste gezicht het meest in die positie te bevinden. Maar Jezus keert zoals zo vaak de rollen om en wijst de omstaanders erop dat ze net zo verloren zijn als de vrouw die ze daar in hun midden viseren.De manier waarop Jezus met de hele situatie omgaat, ervaar ik als bijzonder inspirerend. In plaats van zijn hand te gebruiken om stenen naar de vrouw te werpen, gebruikt hij deze om in het zand te schrijven. Deze beweging zit vol symboliek. Door zich te buigen, maakt Jezus zich gelijk aan de vrouw die figuurlijk en misschien straks ook letterlijk wordt neergehaald. Op die manier komt Jezus zo dicht als hij kan bij al het lijden dat ze nu ondergaat en misschien ook zelf heeft veroorzaakt door betrokken te zijn bij overspel.
Wanneer Jezus zich buigt om met zijn vinger in het zand te schrijven, roept dat dus iets op van Gods geboden.
Maar er is meer dan die diepe medemenselijkheid die Jezus zo vaak kenmerkt. Wanneer we in Exodus 31 lezen over de twee stenen platen van het verbond met daarop de 10 geboden, staat er dat deze ‘door Gods vinger’ werden beschreven. Wanneer Jezus zich buigt om met zijn vinger in het zand te schrijven, roept dat dus iets op van Gods geboden. Maar Jezus doet er iets nieuws mee: hij herschrijft ze met het oog op de barmhartigheid. Dat is een ontdekking die door de hele Bijbel loopt en bij uitstek in de Evangelies wordt verkondigd: niet Gods oordeel, maar zijn barmhartigheid zal het laatste woord hebben.
Ik hoorde eens dat iemand naar aanleiding van dit Evangelie een hele zak vol steentjes in zijn jas meedroeg. Elke keer wanneer hij zichzelf betrapte op een oordeel over een ander, moest er een steentje uit. Het werd een tastbare manier om te ervaren hoe vaak hij zelf met stenen naar anderen gooide. Jezus wil ons veranderen. Laat jij het ook toe?