
Mozaïeken van Marko Rupnik in Lourdes afgedekt – jezuïeten bieden slachtoffers 'herstel'
Marko Rupnik (70) is een Sloveense katholieke priester, theoloog en voormalige jezuïet die bekendstaat om zijn monumentale mozaïeken op religieuze gebouwen over de hele wereld. In 2022 werd bekend dat verschillende personen – minstens 24 ondertussen, vooral vrouwen – hem beschuldigen van psychisch, seksueel en spiritueel misbruik.
Een klacht uit 2021 bij het Dicasterie voor de Geloofsleer wacht nog altijd op een proces. Volgens een verklaring van kardinaal Víctor Manuel Fernández op 22 maart zal dat binnenkort van start gaan, na jaren van onderzoek. Rupnik werd in 2023 wel al uit de Sociëteit van Jezus (de jezuïeten) gezet.

Mozaïeken in Lourdes afgedekt
Bisschop Jean-Marc Micas van Tarbes en Lourdes maakte maandag bekend dat Rupniks mozaïeken op de deuren van de Basiliek van Onze-Lieve-Vrouw van de Rozenkrans in Lourdes afgedekt worden. De basiliek is één van de jubelkerken van het bisdom. Tijdens het Jubeljaar kunnen pelgrims een volledige aflaat ontvangen bij het passeren van de deuren.
'U kent mijn mening over de aanwezigheid van deze mozaïeken op de deuren van de basiliek,' zei de bisschop in een onlinebericht. Volgens hem moeten de mozaïeken helemaal verwijderd worden, maar is het nog te vroeg voor een definitief besluit. Nadat hij in mei 2023 daarvoor een speciale commissie had gevormd, kondigde Micas in juli 2024 aan dat hij als 'eerste stap' had besloten dat de mozaïeken 's nachts niet meer verlicht zouden worden tijdens de nachtelijke rozenkransprocessie in het heiligdom.
Meer dan 200 liturgische ruimtes over de hele wereld kampen met hetzelfde probleem, waaronder Fátima, het Vaticaan, het heiligdom van Johannes Paulus II in Washington DC en het graf van de heilige Padre Pio.
Jezuïeten bieden slachtoffers 'herstel'
De Sociëteit van Jezus stuurde recent een brief naar alle vrouwen die melding maakten van misbruik door Marko Rupnik. Dat maakte Laura Sgrò, advocaat van minstens vijf slachtoffers, via de media bekend.
In de brief, ondertekend door Johan Verschueren, zegt de jezuïetenorde dat ze 'vertrouwen heeft dat een proces van genezing en innerlijke verzoening mogelijk is, op voorwaarde dat er ook een pad van waarheid en erkenning van onze kant is'. In een e-mail aan The Associated Press bevestigde Verschueren dat de brief slachtoffers vraagt 'om te laten weten wat ze nu nodig hebben en hoe we aan die behoefte kunnen voldoen'.
Advocate Laura Sgrò was blij met dit 'duidelijke, concrete en krachtige' gebaar. De eisers, zo zei ze, bedanken pater Johan Verschueren, die 'grote moed en nederigheid toonde door de tot nu toe gemaakte fouten te erkennen'. Hij 'heeft de slachtoffers van Marko Rupnik eindelijk verwelkomd en gesteund, en heeft hun de hulp geboden die zij zozeer ontbeerden'.
Ze verwijst daarmee naar de gebrekkige manier waarop het Vaticaan en de jezuïeten op de klachten zouden hebben gereageerd. Rupnik werd in 2020 geëxcommuniceerd, maar die sanctie werd kort daarna opgeheven. In 2022 sloot het Dicasterie voor de Geloofsleer de zaak omdat de feiten verjaard waren. In 2023 zetten de jezuïeten Rupnik uit de orde. Vier maanden later schafte de paus de canonieke verjaringstermijn af, waardoor het dicasterie het onderzoek kon heropenen. Ondertussen is het onderzoek afgerond, maar is het dicasterie nog altijd op zoek naar geschikte rechters om de zaak te behandelen.
In hun brief bekennen de jezuïeten zich 'verontrust' te voelen en zich ervan bewust te zijn dat 'de verschillende vormen van geweld waaronder [de slachtoffers] destijds leden, verergerd worden door de pijn die veroorzaakt wordt door het gebrek aan luisteren en rechtvaardigheid gedurende vele jaren'.
Rupnik heeft tot op heden niet publiek gereageerd op de beschuldigingen en weigerde zijn religieuze superieuren te antwoorden tijdens hun onderzoek. Aanhangers in zijn Centro Aletti-kunststudio veroordelen wat zij een medialynchpartij noemen.